Witloofroomsoep met vis en rivierkreeftjes

Witloofsoep met witte seizoensvis, vlees van rivierkreeftjes, aardappelen en vers brood.

Ingrediënten

  • 3 liter groentebouillon
  • 500 g witte seizoensvis
  • 200 g vlees van rivierkreeftjes
  • 2 ui
  • 12 witloof
  • 2 aardappel
  • 4 takje tijm
  • 2 blaadje laurier
  • 0 peterseliestelen
  • 0.5 citroen
  • 2 dl room
  • 2 ei
  • 1 scheutje sherry
  • 0 boter
  • 6 peperbol
  • 0 peper
  • 0 zout
  • 0 vers brood

Benodigdheden

  • een eindje keukentouw
  • een staafmixer
  • een grote zeef
  • een vijzel

Partners

Bereiding

Witloofroomsoep met vis en rivierkreeftjes

Ontdooi en verwarm de bouillon of bereid vooraf een verse portie. Wie snel wil werken gebruikt bouillonblokjes, maar kijk dan uit met het toevoegen van zout.

Snipper de uien matig fijn. Hou 2 stronkjes witloof opzij en snij de rest van de groente in stukjes.

Schil de aardappelen en snij ze in dobbelstenen.

Smelt een klont boter in een ruime stoofpot of soepketel op een matig vuur. Stoof de uisnippers glazig en voeg de stukken aardappel toe.

Doe na een paar minuten de snippers witloof in de pot. Stoof het wiloof, roer regelmatig en schenk er vervolgens de bouillon bij. Laat alles 30 minuten pruttelen op een zacht vuur.

Verzamel de blaadjes laurier, de takjes tijm en de peterseliestelen. Bind ze eventueel samen met een eindje keukentouw.

Schenk een flinke bodem water in een kookpot (5 dl), voeg de kruiden toe, enkele gekneusde peperbolle en een uitgeknepen stuk citroen. Doe er ook een klont boter (25 g) bij en breng het kruidig vocht zacht aan de kook.

Snij de vis in hapklare stukken. Pocheer de kleine porties vis in het kruidig water. Dit duurt slechts enkele minuten. Zet het vuur uit zodra de stukken vis gaar zijn.

Schep de gepocheerde witte vis uit de pot, giet het pocheervocht door een zeef, en schenk het bij de soep. Gooi de uitgekookte kruiden weg.

Mix de witloofsoep glad met de staafmixer. Schenk ze nadien door een zeef. (Roer de soep door de zeef met de bolle zijde van een pollepel.)

Afwerken en serveren

Snij de overgebleven stronkjes witloof in flinterdunne reepjes. Maak er millimeterwerk van voor het fijnste resultaat.
Verrijk de soep met room of ga voor de meest rijkelijke en feestelijke binding: met een liaison. Meng kort voor het serveren de (volle) room met de dooiers van de eieren. (Reken één dooier per deciliter room.) Kluts beide met de garde en roer de liasion door de warme soep. Proef en voeg vers gemalen peper en zout toe.
Beslis of je de stukken vis en de kreeftenstaartjes al dan niet op z’n geheel in de soep serveert. Ik pluk de vis los en het rivierkreeftenvlees snij ik grof.
Doe (een deel van) de stukken vis, de rivierkreeftjes en het fijn gesneden witloof in de soepterrine. Druppel er een bescheiden scheutje sherry overheen.
Schep er warme witloofsoep overheen, roer even en serveer.
Witloofroomsoep met vis en rivierkreeftjes