Paella voor alleman

Deze Spaanse klassieker behoeft geen introductie. De traditionele Valenciaanse paella wordt bereid met onder andere konijn. Dat gebruikt Jeroen niet. Hij doet er een beetje zijn eigen ding mee, zonder aan smaak in te boeten. Paella kan je in’t klein en in’t groot bereiden. Lekker om met het gezin te genieten van een zomerse avond én ook ideaal voor een uitbundig buurtfeest. Op de grootte van een paellapan staat geen maat...

Ingrediënten

  • 1.5 liter kippenbouillon
  • 2 ui
  • 2 teentje look
  • 3 rode paprika
  • 150 g chorizo
  • 500 g mosselen
  • 250 g inktvis
  • 8 gamba
  • olijfolie
  • 8 drumstick
  • kippenkruiden
  • 1 koffielepel paprikapoeder
  • 1 g saffraanpoeder
  • 500 g rijst
  • 2 dl witte wijn
  • 200 g diepvrieserwten
  • 250 g venusschelpen
  • 0.5 citroen
  • peper
  • 1 bussel platte peterselie

Benodigdheden

  • een (hele) grote bakpan
  • een houten spatel
  • een fijne rasp

Partners

Bereiding

Voorbereiding

Bereid een keteltje verse kippenbouillon, of ontdooi een portie.  Pel de uien en snipper ze grof.  Je mag de stukjes ui best herkennen in het eindresultaat.

Pel de tenen look en plet ze tot pulp

Snij de paprika’s overlangs in twee en gebruik een dunschiller om de moeilijk verteerbare schil weg te halen. Pluk ook het steeltje weg en verwijder de zaadlijsten en eventuele bleke vliesjes. Snij de stukken paprika vervolgens in grove stukken: verdeel elke halve vrucht in vier.

Snij het stuk chorizo eerst in dikke schijven van ongeveer anderhalve centimeter breed. Tover die nadien om in kubusjes. (Denk maar aan een ‘portie gemengd’ als je op café gaat.)

Spoel de mosselen en snij de witte ‘inktvistubes’ met een scherp mes in ringen van een kleine centimeter breed.

Verwijder het pantser en het staartstukje van de gamba’s. Laat de kop eraan zitten. Het oogt decoratief, maar daarin zit ook bijzonder veel smaak. Maak een ondiepe insnijding langs de rug van de dikke garnalen. Snij van de kop tot bij de staart en verwijder het darmkanaaltje dat je daar aantreft.

De paella bereiden

Verhit een hele grote pan op een stevig vuur. Schenk er een flinke lik olijfolie in en bak de gamba’s kort. Draai ze na een minuut al om en vis ze kort nadien uit de olie. Binnenin zullen ze nog niet doorbakken zijn. Hou de kortgebakken gamba’s opzij, tot wanneer je de paella afwerkt.

Strooi een flinke snuif kippenkruiden over de kippenboutjes. Leg ze meteen in het braadvet. Zet indien nodig het vuur een beetje zachter. Bak de boutjes gedurende ongeveer 10 minuten Draai ze tussendoor af en toe even om, tot de kip een egaal goudbruin kleurtje heeft.

Schuif de boutjes opzij (als je met een traditionele paellapan werkt) of neem de boutjes even uit de pan.

Doe de blokjes chorizo in de pan en bak ze in een paar minuten goudbruin. Schuif ze nadien ook naar de kant van de paellapan of zet ze even opzij.

Nu is de inktvis aan de beurt, die je bakt in de olie die intussen het aroma heeft gekregen van de chorizo.  Bak de bleke ringen tot ze een krokant randje krijgen.  Schuif ze nadien opzij of schep ze uit de pan.

Schenk indien nodig wat extra olie in de pan. Doe er de stukken ui in en stoof ze glazig.

Strooi (gerookt) paprikapoeder op de uien, gevolgd door saffraanpoeder. Roer en voeg de stukken paprika toe.

Laat het feest nu beginnen en meng (bijna) alle ingrediënten samen: de boutjes, de stukjes chorizo, de calamaresringen, de ui en de paprika.

Strooi de paellarijst in de pan en roer. Stoof de rijst gedurende een paar minuten. Nu is de rijst klaar om vocht op te slorpen.

Giet de witte wijn in de pan en roer. Nu stopt het ‘bakken’ en met een spatel kan je alle smakelijke aanbaksels losroeren.

Kort nadien giet je het grootste deel van de bouillon in de pan. Laat de rijst ongeveer 20 minuten sudderen. Roer regelmatig even met een (houten) spatel. De rijst op de bodem van de pan mag gerust een beetje karameliseren.Het type rijst dat je gebruikt bepaalt hoeveel bouiilon/vocht je nodig hebt. ‘Arroz Bomba’ absobeert erg veel vocht. Andere soorten rijst doen dat in mindere mate. Voeg indien nodig wat extra bouillon toe. Beslis ook zelf of je houdt van rijst die nog wat ‘beet’ heeft, of rijst die een stuk zachter gegaard is.

Strooi de erwtjes in de pan en verdeel de mosselen bovenop de rijstschotel. Doe hetzelfde met de tapijtschelpjes. Leg er ook de voorgebakken gamba’s bij.

Laat de schelp- en schaaldieren garen en roer de paella af en toe voorzichtig om.

Rasp een beetje zeste van citroen over de bereiding. Hou het bescheiden, want je wil enkel een smaakaccent.

Controleer of de mosselen en de schelpjes gaar zijn. Proef de paella en kruid de bereiding met wat peper van de molen. (Voeg enkel zout toe als je gewerkt hebt met ongezouten bouillon.)

Snipper een flinke hoeveelheid platte peterselie en strooi het kruid over de Spaanse schotel.

Paella voor alleman