Overslaan en naar de inhoud gaan

Ingrediënten

Benodigdheden

ruime ovenschotel

Bereiding

De tomatensaus en het gehakt

Zet een ruime kookpot op een matig vuur. Giet er een scheutje olijfolie in.

Bak het gehakt in de hete olijfolie. Roer regelmatig om. 

Pel de uien en snipper ze fijn. Plet de look tot pulp.

Voeg de uien en de look toe aan het gehakt en laat ze meestoven. 

Schil de wortels en snij het topje en het kontje eraf. Snij de groente in heel fijne stukjes (brunoise). Doe hetzelfde met de courgette, al hoef je deze groente niet te schillen. Doe ze bij in de kookpot.

Kooktechniek

Brunoise

Brunoise en julienne zijn snijwijzes van groenten.

 

Julienne: dit zijn flinterdunne sliertjes. Begin met hele dunne plakjes te snijden die je open legt zodat ze dwars over elkaar liggen.

Zet je vingers als een klauw op de plakjes, met je duim achter je vingers.

Trek je nagels een beetje naar binnen en laat je mes tegen je middelvinger leunen.

Nu maak je met je mes een soort hefboombeweging, terwijl het punt van je mes altijd op de plank blijft. 

Denk eraan dat je echt een snijdende beweging moet maken. Niet hakken, maar vertrekken van de punt van de mes en zo naar beneden snijden.

 

Brunoise: dan maak je blokjes. Daarvoor begin je op dezelfde manier als bij julienne maar snij de plakjes dan wel dikker. Van die plakjes maak je iets dikkere sliertjes en van die sliertjes snij je dan blokjes.

Bekijk de video

Maak de paddenstoelen schoon met een droog borsteltje. Snij ze in grove stukken. Doe ze ook in de kookpot.

Laat het gehakt en de groenten verder stoven, op een zacht vuur.

Snipper de verse oregano en de blaadjes basilicum fijn en laat ze meestoven.

TIP

Je kan ook verse tijm en rozemarijn toevoegen

Strooi de gedroogde Provençaalse kruiden bij het gehakt en de groenten. Roer alles goed om.

TIP

Voor een beetje pit voeg je ook wat sambal toe

Schenk de rode wijn bij het gehakt met groenten en laat de wijn even uitkoken.

Voeg ten slotte de tomatenpulp (of passata) toe en laat de saus nog 10 minuten sudderen op een zacht vuurtje. Proef en kruid de saus met wat zout en peper van de molen.

De kaassaus

De basis van de saus is een roux. Smelt daarvoor de boter in een kookpot en voeg de bloem toe. Laat het bloemmengsel al roerend “opdrogen”, maar let erop dat de roux niet aanbakt.

Zodra je een lekkere biscuitgeur ruikt, schenk je de melk in de pot. Blijf geduldig doorroeren met een garde tot de saus bindt. Als je lang genoeg geroerd hebt, krijg je een gladde bechamelsaus. 

TIP

Als je saus te dik wordt, voeg je wat extra melk toe.

Haal de pot van het vuur en meng de helft van de gemalen kaas door de saus. Kruid de saus naar smaak met peper, zout en muskaatnoot.

Afwerking

Verwarm de oven voor op 180°.

Giet een dun laagje kaassaus op de bodem van de ovenschotel. Leg daarop een eerste laag van de droge lasagnevellen. Schik ze als dakpannen, maar let erop dat de vellen elkaar niet te veel overlappen. Zo vermijd je te dikke lagen pastadeeg.

Schep er de eerste laag tomatensaus met gehakt bovenop (een cm dik) en strijk ze egaal uit over het hele oppervlak van de schotel.

Schik hierbovenop een tweede laag lasagnevellen. Vervolgens tomatensaus met gehakt, lasagnevellen, afwisselend. Bouw de lasagne verder op tot de ovenschaal net niet gevuld is. Zorg ervoor dat bovenaan een laagje van de tomatensaus ligt.

Schenk nu de rest van de kaassaus in de schotel en verdeel ze egaal over de hele oppervlakte van de schotel. Strooi de rest van de gemalen kaas er overheen.

TIP

Als je deze lasagne op voorhand maakt, plaats de schaal afgedekt met vershoudfolie in de koelkast

Bak de lasagne gedurende 30 minuten in een oven van 180°.

4 personen

90 minuten (incl. 30 min baktijd)

Benodigdheden:

ruime ovenschotel

Ingrediënten

Lasagne

Een verse lasagne is puur comfort food. Met weinig tijd en enkele eenvoudige budgetvriendelijke ingrediënten zet je een forse schotel op de tafel. Je kan deze snelle lasagne ook op voorhand maken, zodat je bij gebrek aan tijd of als je gasten hebt heel snel de borden royaal kan vullen met een dampende Italiaanse klassieker.

Bereiding

De tomatensaus en het gehakt

Zet een ruime kookpot op een matig vuur. Giet er een scheutje olijfolie in.

Bak het gehakt in de hete olijfolie. Roer regelmatig om. 

Pel de uien en snipper ze fijn. Plet de look tot pulp.

Voeg de uien en de look toe aan het gehakt en laat ze meestoven. 

Schil de wortels en snij het topje en het kontje eraf. Snij de groente in heel fijne stukjes (brunoise). Doe hetzelfde met de courgette, al hoef je deze groente niet te schillen. Doe ze bij in de kookpot.

Kooktechniek

Brunoise

Brunoise en julienne zijn snijwijzes van groenten.

 

Julienne: dit zijn flinterdunne sliertjes. Begin met hele dunne plakjes te snijden die je open legt zodat ze dwars over elkaar liggen.

Zet je vingers als een klauw op de plakjes, met je duim achter je vingers.

Trek je nagels een beetje naar binnen en laat je mes tegen je middelvinger leunen.

Nu maak je met je mes een soort hefboombeweging, terwijl het punt van je mes altijd op de plank blijft. 

Denk eraan dat je echt een snijdende beweging moet maken. Niet hakken, maar vertrekken van de punt van de mes en zo naar beneden snijden.

 

Brunoise: dan maak je blokjes. Daarvoor begin je op dezelfde manier als bij julienne maar snij de plakjes dan wel dikker. Van die plakjes maak je iets dikkere sliertjes en van die sliertjes snij je dan blokjes.

Bekijk de video

Maak de paddenstoelen schoon met een droog borsteltje. Snij ze in grove stukken. Doe ze ook in de kookpot.

Laat het gehakt en de groenten verder stoven, op een zacht vuur.

Snipper de verse oregano en de blaadjes basilicum fijn en laat ze meestoven.

TIP

Je kan ook verse tijm en rozemarijn toevoegen

Strooi de gedroogde Provençaalse kruiden bij het gehakt en de groenten. Roer alles goed om.

TIP

Voor een beetje pit voeg je ook wat sambal toe

Schenk de rode wijn bij het gehakt met groenten en laat de wijn even uitkoken.

Voeg ten slotte de tomatenpulp (of passata) toe en laat de saus nog 10 minuten sudderen op een zacht vuurtje. Proef en kruid de saus met wat zout en peper van de molen.

De kaassaus

De basis van de saus is een roux. Smelt daarvoor de boter in een kookpot en voeg de bloem toe. Laat het bloemmengsel al roerend “opdrogen”, maar let erop dat de roux niet aanbakt.

Zodra je een lekkere biscuitgeur ruikt, schenk je de melk in de pot. Blijf geduldig doorroeren met een garde tot de saus bindt. Als je lang genoeg geroerd hebt, krijg je een gladde bechamelsaus. 

TIP

Als je saus te dik wordt, voeg je wat extra melk toe.

Haal de pot van het vuur en meng de helft van de gemalen kaas door de saus. Kruid de saus naar smaak met peper, zout en muskaatnoot.

Afwerking

Verwarm de oven voor op 180°.

Giet een dun laagje kaassaus op de bodem van de ovenschotel. Leg daarop een eerste laag van de droge lasagnevellen. Schik ze als dakpannen, maar let erop dat de vellen elkaar niet te veel overlappen. Zo vermijd je te dikke lagen pastadeeg.

Schep er de eerste laag tomatensaus met gehakt bovenop (een cm dik) en strijk ze egaal uit over het hele oppervlak van de schotel.

Schik hierbovenop een tweede laag lasagnevellen. Vervolgens tomatensaus met gehakt, lasagnevellen, afwisselend. Bouw de lasagne verder op tot de ovenschaal net niet gevuld is. Zorg ervoor dat bovenaan een laagje van de tomatensaus ligt.

Schenk nu de rest van de kaassaus in de schotel en verdeel ze egaal over de hele oppervlakte van de schotel. Strooi de rest van de gemalen kaas er overheen.

TIP

Als je deze lasagne op voorhand maakt, plaats de schaal afgedekt met vershoudfolie in de koelkast

Bak de lasagne gedurende 30 minuten in een oven van 180°.

Dagelijkse Kost een.be