Konijn van "moe rotselaar"

‘Moe Rotselaar’ heeft een culinair konijn uit haar hoed getoverd. Toen Jeroen Monique en Pol ontmoette, vertelden ze hem over een bijzonder recept uit de familiekeuken. Het zou zonde zijn om het konijn van hun ‘moe’ verloren te laten gaan. Ze stuurden hem het recept en Jeroen zet het vandaag met plezier op tafel voor heel Vlaanderen. Neem wel de tijd om het vlees een nacht te laten marineren en de dag nadien kan je genieten van een bijzondere stoofpot boordevol smaak.

Ingrediënten

  • 4 konijnenbil
  • 2 konijn
  • 6 dl kippenbouillon
  • 4 ui
  • 4 takje tijm
  • 4 blaadje laurier
  • 4 kruidnagel
  • 4 jeneverbessen
  • 200 g rozijnen
  • 500 g Noordkrieken op sap
  • 3 eetlepel aalbessengelei
  • 2 eetlepel Luikse stroop
  • 3.75 dl kriekbier
  • 1 liter water
  • 2 dl natuurazijn
  • 2 eetlepel bloem
  • 0 klontje boter
  • 0 peper
  • 0 zout

Benodigdheden

  • een zeef

Partners

Bereiding

Het konijn marineren

Meng een fles authentiek (en eerder zuur) kriekbier met de natuurazijn en het water.
Kneus de jenererbessen en voeg ze toe, samen met kruidnagels, de tijm en de laurierblaadjes.
Pel de uien en snij ze in grove halve ringen.
Schik de stukken konijn in een pot of schaal en schenk er de marinade over. Strooi de halve uiringen bovenop het vlees.
Span een vel vershoudfolie over het konijn en laat alles een nacht rusten in de koelkast.

De stoofpot bereiden

Verzamel de uiringen in een schaal. Pluk de kruiden en de specerijen vantussen de uiringen en laat ze uitlekken.

Schep de stukken konijn uit de schaal en zeef de marinade van kriekbier.

Doe de rozijnen in een schaaltje en schenk er een deel van de marinade over. Laat ze wellen.

Dep de stukken konijn droog met en schone doek en kruid ze langs beide zijden met versgemalen peper en wat zout.

Smelt een flinke klont boter in een grote stoofpot. Laat de boter bruisen en heel licht kleuren.

Leg de stukken konijn in de pot en geef ze langs de beide zijden een goudbruin korstje.

Hak tussendoor de gemarineerde uiringen in matig kleine stukjes.

Schep het kortgebakken konijn uit de pot en zet de billen en rugstukken even opzij. Het vlees gaart straks verder.

Doe de uisnippers in de stoofpot met braadvet van het konijn. Laat ze paar minuten stoven en bepoeder de uien met een laagje bloem.

Roer en laat de ‘bloemsmaak’ kort wegbakken.

Giet de rest van de (gezeefde) marinade in de stoofpot, samen met de warme kippenbouillon. Roer de bakresten los en voeg de opgelegde krieken toe, inclusief het sap.

Schep de Luikse (of Loonse) stroop en de aalbessengelei erbij. De zoetigheid brengt de zuren in balans.

Leg de stukken konijn terug in de stoofpot, en schenk er ook de braadjus bij die uit het vlees druppelde.

Proef de saus en voeg naar smaak meer zoet toe om de smaken in balans te brengen. (stroop en/of gelei)

Voeg gemalen peper en zout toe, zet het deksel op de pot en laat de stoofschotel minstens een uur pruttelen op een zacht vuur. Het vlees van konijn hoort botermals te zijn.

Laat de gewelde rozijnen uitlekken en doe ze in de stoofpot. Laat ze nog kort meekoken.

Serveer het botermals konijn van Moe Rotselaar in diepe borden, in het gezelschap van een verse bruine boterham.

Konijn van "moe rotselaar"