Jagerssoep

Dit is echte herfstkost, een warme kom geluk. De garnituren van een typische jagersaus zijn spek, champignons en zilveruitjes. Je kunt er eventueel nog aardappelen aan toevoegen.

Ingrediënten

  • 200 g zilveruitjes
  • boter
  • 400 g bavette
  • 200 g spek
  • 250 g kastanjechampignon
  • 2 stengels prei
  • 1 wortel
  • 1 pastinaak
  • 3 liter groente- of kippenbouillon
  • enkele jeneverbessen
  • enkele peperbol
  • 3 takjes tijm
  • 3 blaadjes laurier
  • 3 takjes rozemarijn
  • 3 kruidnagels
  • zout
  • enkele takjes kervel

Benodigdheden

  • een vijzel
  • een groot thee-ei

Partners

Bereiding

De voorbereiding

Ontdooi en verwarm de bouillon. Het recept om zelf een ketel bouillon te maken, vind je hier en hierJe kunt ook bouillon van blokjes gebruiken of water.

De soep

Week de zilveruitjes in heet water.

Smelt een klont boter in een grote soepketel. 

Snijd het rundvlees en het spek in repen. Bak het vlees in de boter.

tip
Een bavette is een stuk uit de ‘vang’ van een koe, tussen de lies en de borst. Het is een stuk vlees dat heeft moeten werken en daarom veel structuur en smaak heeft.

Maak de champignons schoon en snijd ze in vier. Doe ze bij het vlees.

tip
Borstel het vuil van de champignons en snijd het steeltje weg, maar was ze niet. Dan zijn ze te nat en bakken ze niet.

Spoel de prei. Snijd het wit en een stukje van het groen in stukken. Doe het in de soepketel.

Schil de wortel en de pastinaak. Snijd ze in stukken. Doe ze bij het vlees en laat alles een paar minuten mee bakken op een hoog vuur.

Giet er de warme bouillon bij.

Kneus de jeneverbessen en de peperbollen in een vijzel. Stop de tijm, laurier, rozemarijn, kruidnagel, jeneverbessen en peperbollen in een groot thee-ei.

Hang de kruidenbuil in de soepketel. Kruid met een snuifje zout.

Zet een deksel op de ketel en laat minstens 2 uur op een zacht vuur trekken.

Pel de zilveruitjes. Doe ze de laatste 10 minuten van de kooktijd bij de soep.

Schep de soep in borden of kommen. Werk af met plukjes kervel.

Jagerssoep